Pestprotocol gericht op herstel relatie
Pestgedrag is van alle tijden en komt in alle leeftijdsgroepen voor, dus ook onder leerlingen van Het Baarnsch Lyceum, waar elke dag weer zo’n 1.000 pubers elkaar ontmoeten op het schoolplein, in de gangen, in de aula, bij de kluisjes, in de kleedkamers, in de klaslokalen en online. Pesten mag niet en berokkent grote schade, dat weet iedereen. Maar het gebeurt en het overkomt iedereen wel eens. Soms is het plagen en wordt het pesten. Soms is het stoeien en wordt het vechten. Het Baarnsch Lyceum is een school waar leerlingen zich veilig moeten kunnen voelen. We besteden, met name in de onderbouw, structureel aandacht aan pesten en het voorkomen daarvan. We maken daar ook serieus werk van. Vandaar dat we het pestprotocol “Help, ik word gepest, wat nu???” hanteren.
Leerlingen van de 1e en 2e klassen krijgen de verkorte versie uitgereikt. De inhoud van de uitgebreide versie kunt u hier downloaden. Deze staat ook op de leerlingensite.
Zo’n pestprotocol is heel belangrijk, maar nog belangrijker is preventie: hoe voorkomen wij pestgedrag? In en buiten de mentorlessen besteedt de mentor aandacht aan pestpreventie. Preventie is de basis voor een veilige school. Preventie gebeurt onder andere door het bespreken van de klassensfeer en klassenregels en door aandacht voor pesten in de vorm van een project of bespreking van een film in de onderbouw. Daarbij gaan we uit van herstel gericht werken. Het is de bedoeling dat de relatie weer hersteld wordt. Alle eerste klassen krijgen een workshop van twee lessen “Pesten doet pijn”. In de tweede klassen wordt op dezelfde wijze – in workshops – aandacht besteed aan homotolerantie. Sinds vorig jaar is de school Mediawijs gecertificeerd en wordt in de lessen Informatiekunde door docent Niels Lubberman lesgegeven in Mediawijsheid om leerlingen bewust te maken van hun gedrag op het internet. Aan bod komen onderwerpen als online privacy, veiligheid, zoeken naar informatie en bronnen, en cyberpesten.
Leerlingen kunnen in de eerste plaats bij hun mentor terecht. Als een leerling echter besluit niet te melden dat hij gepest wordt, kan niemand helpen. Signalen over pesten horen daarom bij de mentor gemeld te worden. Als een leerling het moeilijk vindt de mentor in vertrouwen te nemen, dan vormen de favoriete docent, juniormentor of de vertrouwenspersoon een alternatief.
Bij de eerste stap geldt het principe van ‘no blame’: de mentor helpt de betrokkenen het pesten op te lossen, waarbij afspraken worden gemaakt die het pesten doen stoppen. Ouders worden bij deze eerste stap alleen op de hoogte gesteld als de leerling aangeeft dat hij dit wenselijk vindt of als de mentor vermoedt dat de veiligheid in gevaar komt.
De mentor maakt altijd een vervolgafspraak met de leerlingen om na te gaan of de gemaakte afspraken werken. Stopt de pester niet, dan worden betrokken ouders zeker ingelicht en volgen er strafmaatregelen die starten met verantwoording afleggen bij de conrector.
Belangrijk is en blijft dat leerlingen en/of hun ouders melding maken van pestgedrag. Wij, docenten en medewerkers van Het Baarnsch Lyceum zien en horen niet alles. Veel pestincidenten geschieden buiten ons gezichtsveld. Vaak denkt een gepeste leerling ‘ik zal maar niets zeggen tegen mijn mentor… anders wordt het alleen maar nog erger’. Zo werkt het natuurlijk niet. Wij nemen een melding van pesten altijd serieus en de ervaring leert dat ‘niets doen’ ook ‘niets oplost’!
Het Baarnsch Lyceum besteedt veel aandacht aan – preventie van – (online) pesten, maar dat lukt alleen en vooral met medewerking van alle leerlingen en hun ouders. Zo zorgen wij er samen voor dat we onze leerlingen/pubers kunnen begeleiden tijdens een tijd die zo belangrijk en vormend is.